Mobiliteitsbudget 2026: regels en opportuniteiten
Ons webinar 2026 over het mobiliteitsbudget leidde tot een stortvloed aan vragen van onze deelnemers. Dat geeft wel aan hoe actueel dit onderwerp is. Welke regels zijn al bekend? En hoe kunt u het mobiliteitsbudget, afhankelijk van het profiel van uw bedrijf, met succes implementeren tegen 1 januari 2027 of 2028? Dit zijn enkele tips om deze overgang vlot te laten verlopen.
Het mobiliteitsbudget: voor wie en wanneer? Het was essentieel om een tijdlijn uit te stippelen, zoals adviesbureau voor duurzame mobiliteit Traject dat tijdens ons webinar oordeelkundig heeft gedaan. Trees Vandenbulcke en Pierre Bertin, mobiliteitsexperts bij Traject, wezen erop dat de verplichting op 1 januari 2027 alleen geldt voor bedrijven met minstens 50 werknemers in totaal (dus niet alleen voor begunstigden van een bedrijfswagen). Een jaar later, vanaf 2028, zal deze verplichting ook gelden voor organisaties met meer dan 15 werknemers. Voor 2030 hangt er mogelijk voor iedereen een mobiliteitsbudget in de lucht, maar dat moet nog worden bevestigd. In ieder geval worden de wetteksten voor dit voorjaar verwacht. Veel details moeten nog worden bekendgemaakt.
Over welke verplichting hebben we het precies?
De werkgever moet zijn werknemers het recht geven om te kiezen tussen een bedrijfswagen of het mobiliteitsbudget. Voor bepaalde functies waarvoor een auto absoluut noodzakelijk is, kan de werkgever zijn werknemer verplichten om te kiezen voor pijler 1 van het mobiliteitsbudget, dat wil zeggen een ‘milieuvriendelijke’ auto. Sinds 1 januari 2026 is dat vrij eenvoudig, want een milieuvriendelijke auto moet ‘emissievrij’ zijn, met andere woorden zuiver elektrisch of op waterstof rijden.
De twee andere pijlers omvatten duurzame vervoersmiddelen en huisvestingskosten (pijler 2) of, indien het mobiliteitsbudget niet volledig is gebruikt voor pijler 1 en/of 2, het resterende bedrag in contanten (pijler 3). Terwijl pijler 2 niet wordt belast, moet u er rekening mee houden dat pijler 3 wordt verminderd met een speciale bijdrage van 38,07 % die verschuldigd is door de werknemer.
Hoeveel bedraagt het mobiliteitsbudget?
Het komt overeen met de jaarlijkse brutokosten voor de werkgever van de bedrijfswagen die de werknemer opgeeft of waarvoor hij/zij in aanmerking komt. Hierin zijn belastingen, parafiscale bijdragen en bijkomende kosten inbegrepen, maar niet de werknemersbijdrage. Kortom, het komt overeen met de TCO (Total Cost of Ownership of totale eigendomskosten) van een bedrijfswagen. Er zijn drie soorten TCO-berekeningen, maar gebruik bij voorkeur altijd de TCO2.
Het jaarlijkse bedrag van het mobiliteitsbudget is geplafonneerd en wordt elk jaar geïndexeerd. In 2026 ligt het tussen 3.233 en 17.244 euro. Bovendien mag het niet meer bedragen dan een vijfde van het totale brutojaarsalaris van de betreffende werknemer.
Thibaut Debelle, Product Expert bij Alphabet, gaf ons het concrete rekenvoorbeeld hieronder met de drie pijlers van het mobiliteitsbudget.
Hoe het mobiliteitsbudget implementeren?
Uit onze live enquête tijdens het webinar bleek dat de invoering van het mobiliteitsbudget voor de meerderheid van de deelnemers twee maanden of langer in beslag zal nemen. Een lange en intensieve periode dus. Wat is de routemap of het volgen stappenplan? We hebben de expertise van Traject en de tool Olympus Mobility gebundeld.
- Verzamel zoveel mogelijk informatie over het onderwerp en laat u bij voorkeur bijstaan door consultants en experts ter zake.
- Bepaal de doelstellingen en stel uw mobiliteitsbeleid op “door met name elke pijler van het mobiliteitsbudget dat bij uw bedrijf past, gedetailleerd te beschrijven”, zoals Bert Van Molle, Sales & Marketing Manager bij Olympus, voorstelt. Zorg ervoor dat deze in overeenstemming is met de car policy van het bedrijf. Pas indien nodig de car policy aan. Want zoals Pierre Bertin van Traject uitlegt: “De begunstigden van een bedrijfswagen mogen zich niet benadeeld voelen ten opzichte van de gebruikers van het mobiliteitsbudget.” Bijvoorbeeld: wat zijn de regels bij langdurige afwezigheid? Bij deeltijds werk? Bij ouderschapsverlof? Bij verhuizing van het bedrijf of de werknemer als deze laatste recht heeft op een vergoeding van de huisvestingskosten (alleen mogelijk in pijler 2 als men op 10 km in vogelvlucht van zijn hoofdwerkplaats woont)? Wat bij vertrek van de werknemer? In deze fase stelt u ook elke categorie van TCO en mobiliteitsbudget vast op basis van de rang van de werknemers. Met andere woorden, zorg voor een zo gedetailleerd mogelijke mobility en car policy. Hoe duidelijker en vollediger deze documenten zijn, hoe minder discussies er mogelijk zijn tussen werkgever en werknemer.
- Voer een marktonderzoek uit om de juiste tools te kiezen voor het opzetten van het mobiliteitsbudget. Deze tools moeten eenvoudig te gebruiken zijn voor alle afdelingen van het bedrijf, of het nu gaat om mobiliteit, HR of bijvoorbeeld payroll.
- Organiseer infosessies met de medewerkers.
Pure verplichting of echte opportuniteit(en)?
Volgens onze live enquête tijdens ons webinar ziet een meerderheid van de deelnemers dit mobiliteitsbudget als een pure verplichting. Maar het kan ook een echte opportuniteit zijn. Een opportuniteit om uw CO2-uitstoot te verminderen. Een opportuniteit om nieuw talent aan te trekken. Een opportuniteit om het welzijn van uw werknemers te verbeteren, omdat zij hun mobiliteit à la carte kunnen ‘bouwen’.
Het mobiliteitsbudget moet eenvoudig zijn voor de werkgever en flexibel voor de werknemer.
Klik hier om het webinar 2026 over het mobiliteitsbudget volledig te herbekijken.