3 vragen aan Stefan De Smet, General Manager Leapmotor Belux
Het is dit jaar nog maar de tweede keer dat Leapmotor op het salon van Brussel staat – het merk is bij ons pas eind 2024 gestart. Om de balans op te maken van het eerste volledige jaar spraken we op de Brussels Motor Show met Stefan De Smet, die vol vertrouwen naar de toekomst kijkt.
link2fleet: Hoe gaat het tot dusver en wat zijn de ambities voor de nabije toekomst, met name voor het fleetsegment?
Stefan De Smet: “Eerlijk gezegd mogen we heel tevreden zijn. We hebben in 2025 zo’n 1.200 wagens verkocht. Voor een nieuwe, nog onbekende speler is dat zeker niet slecht in een eerste jaar. Qua b2b-verkoop doen we het in België iets beter dan in andere Europese landen, met 55 à 60% professionele klanten. Het gaat dan hoofdzakelijk om klanten uit het kmo-segment. Bij de key accounts, de grotere vloten, is er nog ruimte voor verbetering, maar we denken dat de B10, die nog maar sinds september op de markt is en die in het populaire C-SUV-segment zit, dat potentieel beter zal kunnen benutten. Qua fleet kijken we op naar een BYD, dat er toch in geslaagd is om zijn stempel te drukken binnen die wereld. Dat is een ambitie die wij ook hebben. Daartoe zullen we uiteraard ons gamma verder uitbreiden met volledig elektrische modellen. Al zetten we ook in op hybridemodellen, voor particuliere klanten en zelfstandigen. Met dat alles denk ik dat het zeker mogelijk moet zijn om ons verkoopcijfer in 2026 te verdubbelen.”
“Het moet zeker mogelijk zijn om onze verkoop in 2026 te verdubbelen.”
l2f: Hoe positioneert Leapmotor zich vandaag op de Belgische markt, en dan vooral ten opzichte van de andere Stellantis-merken?
S. D. S. “Je moet het eerst in een breed perspectief bekijken. Leapmotor is binnen de Stellantis-groep complementair aan wat we al hadden. We hebben verschillende prijscategorieën, gaande van onze premiummerken tot Citroën; met Leapmotor hebben we daar nog iets aan toegevoegd, door volledig elektrische modellen aan te bieden onder de prijs van Citroën. Het is trouwens ons doel om elektrische mobiliteit toegankelijk te maken voor iedereen. Zo is de B10 waarover ik al sprak, zeer scherp geprijsd in vergelijking met al wat je op de markt vindt. Die elektrische SUV is dan ook de meest rationele keuze als het op value for money aankomt. Dat vertaalt zich ook in hele sterke leaseprijzen. Zo goed als elke leasemaatschappij heeft hem trouwens ondertussen in zijn aanbod opgenomen, wat ook een zekere vorm van interesse en vertrouwen weergeeft. De joint venture tussen Leapmotor en Stellantis maakt ook dat we in vergelijking met andere Chinese nieuwkomers een streepje voor hebben qua key accounts, service en aftersales: het zorgt ervoor dat we gebruik kunnen maken van het bestaande Stellantis-netwerk. Dat creëert bijvoorbeeld een aantrekkingseffect bij klanten die vertrouwen hebben in hun dealer. Hetzelfde voor de bevoorrading: meer dan 95% van alle onderdelen van Leapmotors zijn hier voorradig, in onze Distrigo-hubs.”
“Het is ons doel elektrische mobiliteit toegankelijk te maken voor iedereen.”
l2f: Hoe staat de gemiddelde fleetrijder tegenover het Chinese karakter van Leapmotor? Of anders gezegd: hoe overtuigt u de sceptici?
- D. S. “Er zijn er die zeggen “bij ons komt er geen Chinese auto binnen”, en dat is natuurlijk hun goed recht. Maar wat nu niet is, kan misschien later nog komen. Al blijft iedereen natuurlijk de keuze hebben. Wil je echter principieel vasthouden aan Europese merken? Dat kan, maar dan ga je daar de prijs voor betalen. En dan ga je ook niet de technologie kunnen ervaren die een Chinees product biedt – en dan spreek ik niet alleen over Leapmotor, maar over het geheel van Chinese spelers op de markt vandaag de dag. We moeten dat niet onder stoelen of banken steken: ze staan verder dan de Europese producenten op het vlak van technologie, op het vlak van batterijproductie, enzovoort. Overigens, hoe meer Chinese constructeurs er op onze markt zijn, hoe makkelijker het zal worden om de vooroordelen te weerleggen en de perceptie te veranderen. En onze auto’s worden dankzij de joint venture met Stellantis trouwens gefinetuned op het testcircuit van Alfa Romeo in Balocco, dus qua ophanging en dergelijke zijn ze zeker afgestemd op de verwachtingen van Europese bestuurders.”