Gepubliceerd op 16 Oktober 2026 om 09:45
door Damien Malvetti

Christopher McKinnon (Hyundai): “De Chinese concurrenten zetten ook ons aan om vooruitgang te boeken”

In een automarkt die volop in verandering is, wil Hyundai zijn positie verdedigen door zijn gamma te vernieuwen, in te zetten op een uitgesproken design en verschillende aandrijflijnen aan te bieden. Tijdens het Autosalon van Parijs spraken we met Christopher McKinnon, Vice President, Head of Product and Product Director Office for Europe. Hij gaat in op de Chinese concurrentie, de relatie met Kia en de keuzes die de toekomstige ontwikkelingen van het merk zullen bepalen.

christopher McKinnon_Hyundai Motor Europe

link2fleet: Hoe weet Hyundai zich staande te houden in een wereldwijde automarkt die zo sterk in beweging is?

Christopher McKinnon: “Het is een bijzonder interessante periode voor Hyundai. We brengen heel wat nieuwe producten op de markt, waaronder de nieuwe Tucson en Bayon. Daardoor bevinden we ons in een goede uitgangspositie. Concurrentie is er altijd geweest en de auto-industrie heeft de afgelopen tien jaar al twee of drie ingrijpende veranderingen doorgemaakt.”

l2f: Kunt u met de komst van nieuwe spelers, vooral in Europa, uw marktaandeel blijven behouden?

C.M.: “Dat is uiteraard onze ambitie. We moeten wel rekening houden met de levenscycli van onze producten: sommige modellen naderen het einde van hun carrière en zullen worden vervangen. Dat zorgt voor natuurlijke schommelingen in onze verkoopresultaten.”

l2f: Het design van uw jongste modellen is bijzonder uitgesproken. Is dat een manier om u te onderscheiden van de nieuwe Chinese constructeurs?

C.M.: “We willen ons onderscheiden van al onze concurrenten, niet alleen van de Chinese merken. De Tucson vat die aanpak goed samen: groter, gedurfder en intelligenter. De kracht van ons designteam is dat het van een blanco blad kan vertrekken. Onze designers krijgen de vrijheid om nieuwe concepten te verkennen en iets gedurfds te creëren. Maar u zult ook meer gelijkenissen tussen onze modellen zien verschijnen. Misschien hebben we de onderlinge verschillen soms wat te ver doorgedreven. We werken nu aan een duidelijkere visuele identiteit, met een echte familiegelijkenis rond onze designtaal ‘Art of Steel’, die ook terug te vinden is op de IONIQ 3.”

l2f: Bestaat het risico niet dat die keuze sommige klanten in de war brengt?

C.M.: “Dat is altijd mogelijk, want design is erg subjectief. Maar het is tegelijk een van de belangrijkste redenen waarom klanten voor onze auto’s kiezen. Dat merken we regelmatig tijdens gesprekken met klanten en in onze studies.”

l2f: Blijven jullie twee afzonderlijke designidentiteiten hanteren, één voor de modellen met verbrandingsmotor en één voor de elektrische IONIQ-familie?

C.M.: “Ja. Voor de IONIQ-modellen willen we onder meer de lichtsignaturen met pixels behouden, omdat die het technologische en vooruitstrevende karakter van deze auto’s benadrukken. Tegelijk evolueren ook onze hybrides naar een uiterlijk dat dichter aanleunt bij dat van elektrische voertuigen. Bij sommige versies, vooral buiten de N Line-uitvoeringen, is de voorpartij strakker vormgegeven. Hij doet meer denken aan het universum van een elektrische auto, maar behoudt wel zichtbare koelopeningen en radiatorroosters.”

l2f: Er zijn heel wat Chinese constructeurs aanwezig in Parijs. Hoe kijkt u naar hun komst naar Europa?

C.M.: “Sommige zijn voor mij niet nieuw, aangezien ik lange tijd in China heb gewerkt voor een andere constructeur. Het zijn bijzonder competente spelers, met uitstekende producten. Ze brengen me ook op ideeën over wat wij zelf zouden kunnen ontwikkelen.

Ik ben gepassioneerd door auto’s en producten. Daarom kijk ik naar wat zij goed doen, wat wij beter doen en op welke vlakken we nog vooruitgang kunnen boeken. Ik hanteer precies dezelfde aanpak tegenover Peugeot, Citroën of Renault. Ook in een BMW i3 kan ik iets ontdekken dat ik ooit graag in een Hyundai zou terugzien.

Die concurrentie verruimt onze blik. Ze helpt me ook om bepaalde voorstellen kracht bij te zetten bij onze teams in Korea, door te tonen op welke vlakken we beter moeten presteren.”

l2f: Wat zijn omgekeerd de troeven van Hyundai tegenover die nieuwkomers?

C.M.: “Onze kracht schuilt ook in alles wat we rond de auto aanbieden. We zijn al tientallen jaren aanwezig in Europa, met een stevig dealernetwerk, een competitieve dienst na verkoop en garantievoorwaarden, en goede restwaarden. Wanneer wij een voertuig op de markt brengen, draait het dus niet alleen om het product zelf. Het gaat ook om de manier waarop we de klant begeleiden en alles wat we hem daarnaast kunnen bieden.”

l2f: Vormt de groei van Kia, uw zustermerk, een bedreiging of is het goed nieuws voor de groep als geheel?

M.C.: “Op groepsniveau denk ik dat iedereen daar blij mee is. Dat neemt natuurlijk niet weg dat er concurrentie bestaat. Ik ben zelf erg competitief: wanneer ik padel speel, wil ik winnen! Die onderlinge rivaliteit is vooral een bron van motivatie.

Ook hier moeten we rekening houden met de vernieuwingscycli. Kia heeft onlangs heel wat nieuwe producten gelanceerd en wij staan op het punt hetzelfde te doen. Als we volgend jaar rond deze tijd opnieuw met elkaar praten, ziet het plaatje er misschien anders uit. Dat is nu eenmaal eigen aan deze sector: er zijn hoogte- en dieptepunten. Maar over het geheel genomen komt de groep er sterker uit, en dat is bijzonder positief.”

l2f: Constructeurs moeten vandaag zowel in verbrandingsmotoren als in elektrische aandrijving investeren. Wanneer zal de transitie het mogelijk maken om de investeringen in traditionele aandrijflijnen af te bouwen?

M.C.: “Als ik het antwoord daarop kende, had ik misschien mijn eigen bedrijf! Dat moment ligt verder in de toekomst dan we vroeger dachten. Misschien wordt het 2035, misschien nog later.

Precies daar vormt de slagkracht van onze groep een voordeel. We kunnen een gamma hybride, plug-inhybride en elektrische modellen aanbieden om de evolutie van de markt te volgen. Zo kunnen we inspelen op de verwachtingen van klanten zonder hen te verplichten een keuze te maken waarvoor ze nog niet klaar zijn. We zijn bovendien actief op markten zoals Turkije, waar de behoeften anders kunnen zijn.

Dankzij de omvang van de groep en de diversiteit van ons productaanbod beschikken we over verschillende mogelijkheden. Dat betekent niet dat we geen juiste keuzes moeten maken. We analyseren de markt dagelijks om de toekomstige ontwikkelingen zo goed mogelijk te voorspellen.”

l2f: Hier in Parijs lanceren jullie de elektrische versie van de Staria. Denkt u dat monovolumes, na jaren waarin SUV’s en cross-overs de markt domineerden, opnieuw een plaats kunnen veroveren?

M.C.: „“Waarom niet? We beschikken over een bestelwagenversie en een uitvoering voor personenvervoer, maar we denken ook na over een luxueuzere variant. Er bestaat ongetwijfeld een markt voor dit soort voertuigen. Het MegaHome-concept dat Li Auto hier presenteert, illustreert die belangstelling eveneens. Met de Staria kunnen wij alvast een antwoord bieden in dit segment.”

Damien Malvetti

Damien Malvetti, redacteur van dit artikel

Damien Malvetti is opgeleid als journalist en gepassioneerd door wagens, technologie en mobiliteit. Hij is verantwoordelijk voor de redactionele inhoud van link2fleet en beschikt over een uitgebreide kennis van de fleet-sector en elektrische mobiliteit.

account_advantages

Maak vandaag uw gratis account aan en ervaar de beste leeservaring!

Uw voordelen:

  • Exclusieve toegang tot premium content: diepgaande analyses, intertviews & rapportages
  • Het wekelijks ontvangen van de actualiteit, trends en evenementen in uw mailbox.
  • Het bewaren van de artikels die u op een later tijdstip wenst te lezen of te delen met uw collega’s.