Gilbert van Rens (MAES): “We evolueren van brandstofleverancier naar mobiliteitspartner”
MAES Energy & Mobility is al lang bekend voor zijn brandstofpompen, maar versnelt nu zijn transformatie tot aanbieder van multienergieoplossingen. Publiek laden, laadpalen op kantoor, een slimme laadkabel voor thuis, HVO-brandstof, shops en carwashes moeten de historische brandstofactiviteiten geleidelijk aanvullen. CEO Gilbert van Rens weigert echter de verschillende technologieën tegenover elkaar te plaatsen en pleit voor een transitie die wordt gestuurd door de reële behoeften van gebruikers.
Het vak van brandstofleverancier verandert van aard. Om relevant te blijven voor bedrijven volstaat het niet langer om een netwerk van tankstations uit te baten en tankkaarten aan te bieden. De grote internationale groepen hebben dat al langer begrepen, maar ook lokale spelers volgen die evolutie. MAES Energy & Mobility is daar een voorbeeld van: als grootste onafhankelijke uitbater van het land wil het bedrijf voortbouwen op zijn historische netwerk om een bredere gesprekspartner voor fleetmanagers te worden.
“MAES Mobility telt vandaag vier activiteitendomeinen: de distributie van brandstoffen en petroleumproducten, retail via onze tankstations, MAES Mobility met alle oplossingen rond tankkaarten en elektrisch rijden, en tot slot de shops en carwashes”, vat Gilbert van Rens samen.
Een multimerknetwerk in volle evolutie
Begin dit jaar droegen ruim 100 stations de kleuren van MAES. Het netwerk dat het bedrijf daadwerkelijk uitbaat, is echter veel groter: het omvat ongeveer 320 stations verspreid over het hele land, onder de merken MAES, Shell en Esso. Dat multimerklandschap is onder meer het resultaat van de verschillende overnames en samenwerkingen die de groep doorheen de jaren heeft gerealiseerd.
Vandaag is een rationalisering aan de gang. Verschillende Esso-stations krijgen geleidelijk de nieuwe MAES-identiteit, terwijl ook de andere locaties in het netwerk worden gemoderniseerd. Het gaat daarbij niet alleen om zichtbaarheid: MAES wil van zijn locaties servicepunten maken waar, afhankelijk van hun potentieel, brandstoffen, laadmogelijkheden, buurtwinkels en carwashes worden gecombineerd.
Die evolutie is rechtstreeks relevant voor de professionele markt. Op basis van de betaalmiddelen die in hun stations worden gebruikt, schat MAES dat B2B-klanten ongeveer 35% van hun klantenbestand vertegenwoordigen. Een aanzienlijke basis om nieuwe diensten voor wagenparken te ontwikkelen.
Van hybride kaart naar een volledig laadecosysteem
MAES biedt al enkele jaren een hybride kaart aan waarmee zowel een tankbeurt als een laadsessie kan worden betaald. Maar het bedrijf wil nu veel verder gaan. “Onze e-Mobility-activiteiten zijn sinds begin dit jaar duidelijk in volle ontwikkeling”, vertelt Van Rens.
De laadpas geeft toegang tot meer dan 700.000 gewone en snelle laadpunten in een dertigtal landen. Voor bedrijven biedt MAES daarnaast de levering en installatie van laadpalen op de bedrijfssite aan, evenals onderhoud, eventuele herstellingen en een optioneel servicecontract. De ambitie is om het volledige laadtraject af te dekken, in plaats van alleen een kaart of laadapparatuur te leveren.
Voor thuisladen bij medewerkers koos MAES echter voor een andere aanpak dan de meeste operatoren: de slimme laadkabel. “Voor een werkgever blijft het altijd een delicate kwestie om een laadpaal bij een medewerker thuis te laten installeren. Deze kan een impact hebben op de uitstraling van de woning en blijft bovendien geïnstalleerd op privédomein. Wanneer een medewerker verhuist of het bedrijf verlaat, rijst de vraag of de laadpaal moet worden verplaatst of overgenomen. Met onze oplossing geeft hij gewoon zijn kabel terug”, legt de CEO uit.
Volgens MAES kan deze smart cable rekening houden met de stroomproductie van zonnepanelen en met dynamisch laadbeheer. Hij wordt geleverd met verschillende aansluitingen om zich aan te passen aan voertuigen en installaties, en kan tot 22 kW leveren wanneer de elektrische aansluiting van de woning dat toelaat. In de beste omstandigheden zou daarmee in één uur tot ongeveer honderd kilometer actieradius kunnen worden bijgeladen.
Een toekomstgericht laadecosysteem
Voor snelladen werkt MAES vandaag samen met Sparki, dat ultrasnelle laadinfrastructuur uitrolt op een groeiend aantal locaties binnen het netwerk. Die samenwerking vormt een belangrijk onderdeel van de laadstrategie en blijft ook de komende jaren de basis voor de verdere ontwikkeling van ons laadecosysteem.
Samen met Sparki wordt voortdurend geëvalueerd welke locaties het grootste potentieel bieden voor nieuwe investeringen. Op locaties waar voorlopig geen uitrol wordt voorzien, onderzoekt MAES of aanvullende laadoplossingen mogelijk en wenselijk zijn, steeds met respect voor de bestaande afspraken en in functie van de lokale marktvraag.
“Onze ambitie is niet om één technologie naar voren te schuiven, maar om onze klanten toegang te geven tot de juiste energie- en mobiliteitsoplossingen op de juiste plaats”, zegt Gilbert van Rens. “Laden is daar een belangrijk onderdeel van, naast conventionele brandstoffen, hernieuwbare brandstoffen en andere mobiliteitsdiensten.”
MAES blijft daarom inzetten op een pragmatische multienergiestrategie, waarbij verschillende technologieën elkaar aanvullen en klanten de flexibiliteit krijgen om zelf de juiste keuze te maken.
HVO benadeeld door de Belgische fiscaliteit
MAES beperkt zijn transitiestrategie niet tot elektriciteit. Het bedrijf heeft zijn aanbod ook uitgebreid met HVO, een hernieuwbare brandstof die compatibel is met heel wat dieselmotoren. HVO wordt onder meer geproduceerd uit gebruikte oliën en restvetten die met waterstof worden behandeld, en kan over zijn volledige levenscyclus de uitstoot van broeikasgassen sterk verminderen in vergelijking met fossiele diesel. De brandstof elimineert de uitstoot aan de uitlaat echter niet en maakt van een dieselvoertuig dus geen emissievrij voertuig.
“Wij zijn de leverancier die het grootste netwerk voor deze brandstof aanbiedt”, stelt Van Rens. De verdere ontwikkeling wordt echter afgeremd door de kostprijs en het ontbreken van een echte fiscale stimulans. “In België valt HVO onder dezelfde fiscaliteit als diesel, hoewel het geen fossiele brandstof is. Er worden accijnzen op geheven en er geldt 21% btw. Omdat HVO in voertuigen met een verbrandingsmotor wordt gebruikt, geniet het binnen fleet evenmin van een gunstige fiscale aftrekbaarheid. Dat is een gemiste kans, want HVO kan een interessant alternatief vormen in de transitie naar niet-fossiele brandstoffen.”
De CEO verdedigt dan ook een aanpak die uitgaat van het gebruik. “Bedrijven worden richting volledig elektrisch geduwd. Dat is een oplossing voor de toekomst, maar voor bepaalde gebruikers – met name echte kilometervreters – blijft diesel een geschikt alternatief.” Voor wagenparken die al over compatibele dieselbestelwagens of -vrachtwagens beschikken, kan HVO effectief de CO2 voetafdruk snel verminderen zonder voertuigen vervroegd te moeten vervangen. De hogere prijs en de fiscale behandeling beperken voorlopig echter nog de economische relevantie ervan.
Waterstof voorlopig on hold
MAES biedt momenteel nog geen waterstof aan. Volgens Van Rens maken het beperkte aantal beschikbare voertuigen en de bijzonder hoge kosten van waterstofstations het vandaag onmogelijk om een rendabel model uit te bouwen. Toch wil de groep deze optie openhouden.
“Slechts enkele constructeurs geloven echt in deze technologie en investeren erin. De investering in een station zou te groot zijn in verhouding tot de potentiële markt. Maar ik ben ervan overtuigd dat waterstof in de toekomst deel zal uitmaken van de energiemix. Waarom zouden we alles op elektriciteit inzetten? Diesel en benzine hebben lange tijd naast elkaar bestaan omdat ze aan verschillende behoeften voldeden. Er is geen reden waarom elektriciteit de enige oplossing van morgen zou moeten zijn.”
Die multienergievisie vormt de kern van de positionering van MAES, ook al bevoordeelt de evolutie van de fiscaliteit voor Belgische bedrijfswagens vandaag heel duidelijk modellen zonder CO₂-uitstoot. Het argument is daarom vooral relevant voor toepassingen die moeilijk snel te elektrificeren zijn: zwaar transport, intensief gebruikte bedrijfsvoertuigen of activiteiten waarvoor een grote actieradius en hoge beschikbaarheid noodzakelijk zijn.
Over 25 jaar nog altijd tankstations
Gilbert van Rens gelooft niet dat traditionele brandstoffen snel zullen verdwijnen. “Ik ben ervan overtuigd dat er over 25 jaar nog altijd tankstations zullen zijn die brandstof aanbieden. Sommige zullen uiteraard verdwijnen en de stations die overblijven, zullen niet langer alleen brandstof aanbieden, maar ook laadpalen en andere diensten. Met de overnames van stations die we uitvoeren, hopen we tot de belangrijkste spelers van het land te behoren.”
De nevenactiviteiten moeten precies helpen om die locaties rendabel te houden. MAES exploiteert momenteel zes carwashes en plant nog vier bijkomende openingen. Het netwerk telt daarnaast een dertigtal shops die onder meer ter plaatse gebakken brood, koffie, koude dranken en autoproducten aanbieden. “Ons doel is echt om het merk MAES zo breed mogelijk uit te rollen”, benadrukt de CEO.
Het bedrijf kiest er daarentegen bewust voor om niet aanwezig te zijn langs autosnelwegen. De beperkingen rond concessies en het prijsniveau op die locaties passen minder goed bij de prijspositionering van MAES. “Ik weet niet of onze strategie in de toekomst zal veranderen, maar momenteel maakt een aanwezigheid langs de autosnelwegen geen deel uit van onze plannen.”
Bereikbaarheid als fleetargument
Om fleetmanagers te overtuigen tegenover grote energiegroepen en gespecialiseerde laadbedrijven zet MAES zijn netwerk, transparante facturatie en nabijheid in de verf. Op de afrekeningen staan de locatie van de transacties, de toegepaste tarieven en de verkregen kortingen vermeld. De bestuurder kan bovendien zelf de pincode van zijn kaart kiezen, zodat blokkeringen en vergeten codes worden beperkt.
“MAES is vandaag nog altijd een toegankelijke kmo. Wanneer een klant een vraag heeft, doen we er alles aan om die zo snel mogelijk te beantwoorden. De klant heeft het liefste binnen vijf minuten een antwoord. Dat gaan we in de nabije toekomst met behulp van AI ook daadwerkelijk realiseren. We beschikken over een contactcenter dat 24 uur per dag actief is. Ook wanneer we groeien, willen we die bereikbaarheid behouden”, belooft Van Rens. De groep zegt ook zijn prijzen voortdurend aan te passen om concurrerende prijzen te kunnen bieden op haar netwerk.
Die nabijheid zal voor wagenparken een echt operationeel voordeel moeten worden, want de markt draait niet langer alleen om het aantal toegankelijke tankstations of laadpunten. De kwaliteit van de ondersteuning, de transparantie van de laadtarieven, de integratie van data en de mogelijkheid om brandstof, publiek laden, laden op het werk en de terugbetaling van thuisladen op één factuur te bundelen, worden minstens even bepalend.
Volgens Van Rens mag die diversificatie er echter niet toe leiden dat de leverancier zijn klanten één bepaalde technologie oplegt. “We zullen onze klanten blijven bijstaan, ongeacht hun keuze. Het is aan hen om te beslissen of ze klaar zijn om elektrisch te rijden of liever nog met benzine of diesel blijven rijden. We moeten rekening houden met de milieuvereisten, maar mobiliteit moet toegankelijk blijven. Veel mensen hebben hun auto nodig om naar het werk te gaan. De politiek vergeet soms dat niet iedereen in de stad woont en dat niet iedereen zich met het openbaar vervoer kan verplaatsen. Mobiliteit is een basisrecht, geen luxe.”
MAES wil dus dus niet zozeer abrupt een punt zetten achter petroleumproducten, maar wil ze steeds meer samen met elektriciteit en hernieuwbare brandstoffen deel laten uitmaken van zijn aanbod.