Mobiliteitsbudget: sociale partners willen huisvestingskosten strikter kaderen
Het debat rond het mobiliteitsbudget krijgt een meer politieke dimensie. In een recent gezamenlijk advies aan de Nationale Arbeidsraad (NAR) en de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven (CRB) steunen de sociale partners in grote lijnen de ambitie van de Arizona-regering om het systeem uit te breiden, maar vragen ze tegelijk een aantal belangrijke aanpassingen. Eén punt zorgt daarbij voor bijzonder veel discussie: de huisvestingskosten. Achter de schijnbare consensus over de veralgemening van het mobiliteitsbudget schuilt namelijk een steeds duidelijkere bezorgdheid bij werkgevers- en werknemersorganisaties: vermijden dat het systeem ontspoort tot een instrument voor loonoptimalisatie.
Steun voor de veralgemening… met voorwaarden
De sociale partners stellen het principe van een geleidelijke veralgemening van het mobiliteitsbudget voor werkgevers die bedrijfswagens aanbieden, niet in vraag. Ze erkennen zelfs dat het systeem intussen een structureel onderdeel is geworden van het mobiliteitsbeleid binnen ondernemingen.
Wel vragen ze meer pragmatisme in de timing en in de verplichtingen voor kmo’s. De voorziene vrijstellingen voor kleine ondernemingen en de extra overgangstermijnen voor bedrijven met minder dan 50 werknemers tonen de wil om een te abrupte invoering te vermijden.
Het advies maakt vooral duidelijk dat de sociale partners een zekere flexibiliteit willen behouden voor bedrijven die geconfronteerd worden met uiteenlopende operationele realiteiten, met name voor functies waarbij veel mobiliteit vereist is.
Huisvestingskosten onder vuur
De boodschap wordt veel scherper wanneer het gaat over de terugbetaling van huisvestingskosten via pijler 2. De sociale partners stellen vast dat deze mogelijkheid uitgegroeid is tot een van de dominante toepassingen van het mobiliteitsbudget. Een evolutie die sterk wordt aangewakkerd door telewerk en door het bijzonder aantrekkelijke fiscale voordeel van het systeem.
Dat is niet onbelangrijk. Al wekenlang komt het debat over de terugbetaling van huisvestingskosten regelmatig aan bod in ons magazine en op onze website. Het advies van de sociale partners bevestigt nu officieel dat deze evolutie zorgen baart.
Hun voorstel is duidelijk: de uitgaven voor huisvesting beperken tot maximaal 50% van het mobiliteitsbudget. Op die manier willen ze het systeem opnieuw meer richten op mobiliteit, zonder een voordeel af te schaffen dat bijzonder populair is geworden bij werknemers.
Een evolutie van het loonpakket
Dit advies geeft vooral een signaal aan de politiek dat het wettelijke kader van het mobiliteitsbudget op bepaalde punten moet worden aangepast vóór de bredere uitrol bij ondernemingen begin 2027. Dat neemt echter niet weg dat de sociale partners het belang van het systeem erkennen, net als de noodzaak om het klassieke systeem van de bedrijfswagen verder te hervormen.
Het grote succes van huisvestingskosten binnen het mobiliteitsbudget toont bovendien een diepgaandere evolutie in de verwachtingen van Belgische werknemers. Velen zoeken niet langer enkel een mobiliteitsoplossing, maar vooral meer vrijheid in de manier waarop ze hun loonpakket kunnen benutten.

